“Champagne: de meest complete gids om streek en wijn te ontdekken” door Gido Van Imschoot

Le door La

“Jullie hebben een zesde zintuig”, vertrouwt Thibaut Le Mailloux, directeur communicatie van het CIVC, me toe. “In het voorjaar, telkens wanneer het stopt met regenen, duurt het precies drie uur voor  de straten van Epernay volstromen met wit-rode nummerplaten.”

Legenestfase

Precies voor dit soort landgenoten is het tweede champagneboek van Gido van Imschoot bedoeld. Talloze Vlamingen maken er immers een punt van zelf champagne te kopen bij “de kleine wijnboer”. “U weet wel, meneer, zoveel beter én zoveel goedkoper dan wat je bij ons in het rek van de supermarkt vindt.”

Gido moet het ongetwijfeld jammer hebben gevonden dat we massaal naar de Champagne trekken, maar nauwelijks de tijd vinden om deze fascinerende streek ook culinair, historisch, recreatief en toeristisch te ontdekken. Want Champagne biedt een rijk cultureel en recreatief aanbod, ideaal voor zowel gezinnen met kinderen als voor wie reeds in de “legenestfase” is beland.

Tegelijk garandeert een betere kennis van de streek, en wat ze te bieden heeft, een diepere kennis van het productzelf. Ook dit facet komt duidelijk naar voor in het boek “Champagne: De meest complete gids om streek en wijn te ontdekken”. Talloze tips leiden de wijntoerist weg van de gebaande paden, waarbij de auteur put uit zijn eigen kennis van champagne.

Zes hoofdstukken

Het eerste hoofdstuk is gewijd aan de geschiedenis van de Champagne. De invloed van de kerk en de overbekende monniken, het ontstaan van de mousserende wijn, de wereldoorlogen en de recente geschiedenis, het komt allemaal aan bod.

In het tweede hoofdstuk maken we kennis met de productie van de champagne. Een opfrisser voor wie vergeten is welke druiven instaan voor deze bruisende drank, of voor wie zich niet honderd procent de grote champagneregio’s of de finesse van de méthode champenoise voor de geest kan halen.

Het derde hoofdstuk staat in het teken van de Montagne de Reims. Van het noorden, waar we de Phare de Verzenay en de Faux de Verzy bezoeken, tot de Petite Montagne en de zuidelijke kant met Ambonnay en Bouzy en de bezienswaardigheden in de historische stad Reims. De lezer smult van de pittige beschrijvingen en het oog voor detail dat de auteur kenmerkt.

In het vierde hoofdstuk bezoeken we de Vallée de la Marne, een echt lappendeken van terroirs die men in Champagne kan vinden. Het historische dorp Hautvillers, waar Dom Pérignon woonde, maar ook de stad Epernay komen hier uitgebreid aan bod. Gido hoedt zich er overigens wel voor Dom Pérignon op een al te hoog voetstuk te plaatsen. De geestelijke was weliswaar belangrijk voor de ontwikkeling van champagne zoals we die nu kennen, maar hij was zeker niet de enige.

Het vijfde hoofdstuk behandelt de Côte des Blancs. Voor velen is dit dé definitie van champagne, die omwille van druiven en landschap overvloeit in de Côte de Sézanne. Misschien verrassend genoeg het kortste hoofdstuk van de drie die de grote streken bespreken.

Hoofdstuk zes voert ons naar het zuidelijke gedeelte van de Champagne, de wijngaarden van de Aube. Op toeristisch gebied is dit misschien wel de meest fascinerende streek van de Champagne, met het natuurpark Fôret d’Orient en het Lac du Der als speerpunten. Daarnaast vinden we uiteraard een bezoek aan de historische stad Troyes in het boek terug.

De gids sluit af met een nuttig overzicht van termen die men wel eens tegenkomt, bijvoorbeeld op het etiket, een serie kaarten die de reis nog eenvoudiger moeten maken, een index, en een overzicht van Belgische en Nederlandse invoerders.

Kniesoor

Het boek is uitgegeven bij het Davidsfonds, wat garant staat voor een zeer verzorgde, met foto’s doorspekte uitgave die helder en mooi is, vormgegeven door Daniël Peetermans.

Valt er dan helemaal niets aan te merken op dit boek? Geen kniesoor die erop let, maar ik zou enkele details toch veranderd hebben. Om te beginnen zouden sommige foto’s aan waarde winnen door ze van een onderschrift te voorzien. Jan Crab, de fotograaf, blijkt verder een voorliefde te koesteren voor donkere en contrastarme foto’s. Dat levert hier en daar beelden op die ik maar niets vind. Gelukkig wordt dat gecompenseerd door bladzijden met prachtige, levendige foto’s. Tenslotte vind ik dat de opgave van de lijst met invoerders haaks staat op de ogenschijnlijke bedoeling van het boek, namelijk het bezoeken van “la Champagne” om “le champagne” te ontdekken.

Ongezouten

Champagne: De meest complete gids om streek en wijn te ontdekken, is prima geschikt voor wie al eens een reisje naar Champagne boekt maar nog niet veel verder is gekomen dan de uitverkoren Récoltant-Manipulant. Weinigen is het gegeven zo verhalend om te gaan met de fascinerende mousserende wijn uit de noordelijke regio’s van onze zuiderburen. Voor mij is het boek in zijn geheel een aanrader.

Deze bespreking verscheen eerder in Ken Wijn-magazine nr 20 van de Vlaamse Wijngilde.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Helemaal gek van bubbels